Zijn wij God?

In de zomer van 2020 verschijnt dit boek. Lees vast een deel van hoofdstuk 1:

Zijn wij God? Dat klinkt waarschijnlijk wat ongemakkelijk, zelfs een beetje beschuldigend. Ik God? Wat bedoel je ermee? Ik vraag me dat sinds een paar jaar af omdat ik vind dat mensen zich vaak als God gedragen. En misschien blijkt aan het einde van dit boek dit helemaal niet erg te zijn, sterker nog, zou het juist fantastisch zijn dat we ons allemaal gedragen als een heerser over alles wat bestaat. Dat zou betekenen dat we trots zijn op wat er is, zoals de aarde met haar grillige karakter, natuurschoon, mysterieuze doolhoven met oplichtende grenzen, ondoorgrondelijke natuurverschijnselen en het oneindige heelal boven haar. We zouden onze goddelijke krachten kunnen bundelen om deze moederschoot tot in het einde der dagen te koesteren. Maar dat weet ik nog niet. Ik wil de komende hoofdstukken gaan uitzoeken hoe het zit. Dat begint met een wedervraag: wie is God dan? Tja, dan zit je eigenlijk al meteen muurvast. Volgens de christenen is God het veronderstelde opperwezen binnen het christendom. Maar volgens de islam is hij één: uniek, almachtig, alomtegenwoordig, heeft hij geen begin en geen einde. Daar kom je niet echt verder mee en dan hebben we het nog niet gehad over andere geloofsovertuigingen. Om dicht bij huis te blijven vroeg ik het aan een gelovige man. David heette hij. Welk geloof hij precies aanhing weet ik niet maar hij was helemaal fan van God. Die was overal en deed alles voor je wat jij wilde. Beschermde je en zorgde ervoor dat je je fijn voelde volgens hem. Toen hij het vertelde werd ik er zelfs een beetje blij van. Vroeger op school zei de meester juist dat God altijd boos was. Dat hij je overal kon volgen ook al verstopte je je in een donkere kast. Dat hij je zou straffen als je loog of iets verkeerd deed. Een beetje zoals Sinterklaas maar die kwam maar een keer per jaar en bracht cadeaus mee. Twee weken lief zijn lukte nog wel.